Friese aanpak stikstofreductie en natuurherstel
e vergunningverlening in Fryslân voor stikstof zit op slot. De provincie kan vrijwel geen nieuwe natuurvergunningen meer kan verlenen aan boeren, bouwers of andere ondernemers. De reden is dat de natuur in Fryslân verslechtert door diverse drukfactoren, waaronder een te hoge stikstofneerslag. Zolang die verslechtering niet is gestopt, is elke nieuwe vergunning juridisch kwetsbaar. Met de Friese aanpak stikstofreductie en natuurherstel willen wij als provincie hier verandering inbrengen.
Waarom een nieuwe aanpak?
In 2022 stelde de provincie het Uitvoeringsprogramma Stikstof (UPS) vast. Sindsdien is de juridische situatie ingrijpend veranderd. De Raad van State heeft met diverse uitspraken duidelijk gemaakt dat bij vergunningverlening het additionaliteitsvereiste moet worden onderbouwd. Dit betekent dat stikstofruimte mag pas worden ingezet voor een nieuwe natuurvergunning, als aangetoond kan worden dat die stikstofruimte niet nodig is voor het herstel van de natuur.
Ten opzichte van het UPS, is het doel van de nieuwe aanpak om niet langer alleen te voldoen aan omgevingswaarden (landelijke milieunormen), maar de vergunningverlening weer van het slot krijgen. Dat kan alleen door als provincie per Natura 2000-gebied aan te tonen dat er een geborgd plan ligt om de natuur te herstellen.
Wat houdt de aanpak in?
De Friese aanpak werkt langs vier sporen:
- Binnen alle Friese Natura 2000-gebieden worden extra natuur(herstel)maatregelen genomen.
- Daar waar nodig wordt rondom aantal natuurgebieden ook gewerkt aan natuurmaatregelen buiten de natuurgebieden. Denk hierbij aan hydrologische maatregelen om verdroging aan te pakken.
- Provinciebrede maatregelen moeten de stikstofuitstoot in heel Fryslân verlagen.
- Tot slot moet voor de drie zwaarst belaste gebieden in Zuidoost-Fryslân geldt een extra gebiedsgerichte aanpak met aanvullende doelen en maatregelen.
De provincie stuurt voortaan op emissies in plaats van op depositie omdat ondernemers zelf hun eigen uitstoot direct kunnen beïnvloeden. Voor de landbouw betekent dit een doelstelling van 30% reductie van de ammoniakuitstoot in 2035 ten opzichte van 2019. Hoe boeren dat doel halen, mogen zij grotendeels zelf bepalen. Dit kan bijvoorbeeld door aanpassingen in veevoer, meer weidegang, betere bemesting of andere maatregelen die passen bij het eigen bedrijf.
Vrijwillig waar het kan, normerend als het moet
Voor ondernemers willen we met deze aanpak perspectief en handelingsruimte creëren. De reductiedoelen zien wij als haalbaar en er komt ondersteuning beschikbaar. De provincie zet tot 2035 maximaal in op vrijwilligheid, met subsidies en begeleiding als ondersteuning. Ondernemers die stappen zetten, worden daarin gefaciliteerd. In 2030 volgt een belangrijke tussenevaluatie om te bepalen of we op koers liggen. Als blijkt dat de vrijwillige aanpak onvoldoende resultaat oplevert, treedt vanaf 2035 een normerend instrumentarium in werking. Deze vorm van zekerheid dat we onze doelen gaan halen, moeten we inbouwen willen we op den duur weer vergunningen kunnen gaan verlenen.
Hoe verder?
Komende Provinciale Staten stellen de Friese aanpak naar verwachting kort na de zomer van 2026 definitief vast. Daarna volgt de vertaling naar een concreet uitvoeringsprogramma. Dat programma wordt samen met ondernemers, gemeenten, waterschappen en natuurorganisaties uitgewerkt.
Meer informatie over de Friese aanpak stikstofreductie en natuurherstel vindt u in het volledige beleidsdocument.
Download
Heeft u problemen met de leesbaarheid? Dan kunt u een formulier invullen of bellen met het Klantcontactcentrum. Zij helpen u graag verder.