Het provinciebestuur moet binnen een vastgestelde periode een beslissing nemen over uw aanvraag. Deze periode heet de beslistermijn. Soms is deze termijn vastgelegd in de wet of een provinciale verordening.
Als er geen wettelijke termijn is, dan geldt een ‘redelijke termijn’. Wat een redelijke termijn is, hangt af van de soort beslissing.
Is de beslistermijn verlopen en heeft u geen bericht over uitstel gekregen? Dan kunt u het provinciebestuur met een brief erop wijzen dat er niet op tijd is beslist en aanmanen om alsnog te beslissen.
Deze brief wordt een ingebrekestelling genoemd. Na ontvangst hiervan moet alsnog binnen twee weken worden beslist.
Heeft u twee weken na de ingebrekestelling nog geen beslissing ontvangen? Dan kunt u recht hebben op een vergoeding (een dwangsom) en u kunt bij de rechter in beroep gaan.