De aangekondigde maatregelen in de Troonrede ziet het Friese provinciebestuur als een steun in de rug, maar ziet ook gemiste kansen. Het demissionaire kabinet zet het komende jaar met name in op klimaat en woningbouw, maar talmt met de stikstofaanpak.

“Er komt extra subsidie om bedrijven te helpen verduurzamen. Vooral voor kleinere ondernemers is dat zeer welkom”, reageert energiegedeputeerde Poepjes. “De grote bedrijven redden zich meestal wel.” Ook mooi is het extra geld voor infrastructurele voorzieningen om waterstof en warmte te kunnen transporteren. “In een waterrijke provincie als Fryslân maken we serieus werk van aquathermie: warmtewinning uit water. Een goede infrastructuur om die warmte op de goede plekken te krijgen, is essentieel om van aquathermie een duurzaam succes te maken.”

De Koning haalde ook het klimaatrapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) aan. Veenweidegedeputeerde Hoogland: “Van alle veenweidegebieden in Nederland neemt Fryslân 31% CO2-uitstoot voor zijn rekening. We hopen dan ook dat het extra bedrag van 7 miljard euro voor het verminderen van CO2-uitstoot inzetbaar is voor de Friese veenweideaanpak".

“Elke tijd is een overgangstijd, zei de Koning. Veel is in beweging op de veel te krappe woningmarkt, de economie en bereikbaarheid per spoor. De Tweede Kamer vroeg voor die thema’s, die onze brede welvaart raken en een lange adem vergen, om een Deltaplan voor het Noorden”, zegt gedeputeerde Fokkens-Kelder. “Regeren is vooruitzien. Samen met andere noordelijke provincies en gemeenten werkt Fryslân er hard aan deze uitdagingen op te pakken.”

Vooralsnog geen extra stikstofmiddelen

Commissaris van de Koning Brok is lovend over de verbindende toon van de Koning. Hij noemt het positief dat de landbouw en voedselveiligheid zijn genoemd, speerpunten van de provincie. "Fryslân is een landbouwprovincie en wil dat blijven. De sector zit in een transitie, heeft grote innovatiekracht en is meebepalend voor de identiteit van ons landschap.”

Toch blijven er onzekerheden voor de boeren. Het Rijk komt in 2022 vooralsnog niet met aanvullende middelen om de stikstofcrisis aan te pakken. Landbouwgedeputeerde Fokkinga: “Als landbouwprovincie staan we naast onze boeren en zijn we continu met hen in gesprek, onder andere op het stikstofdossier, maar ook in het traject van de Landbouwagenda. We willen onze boeren perspectief bieden. De stikstofproblematiek is een urgent probleem en het is een gemiste kans dat het kabinet nu geen extra geld beschikbaar stelt. Wij verwachten dat het nieuwe kabinet hier mee aan de slag gaat om boeren, maar ook andere sectoren duidelijkheid te geven voor de lange termijn.”