Vervoerssystemen en mobiliteit

Een duurzaam verkeer- en vervoerssysteem levert een bijdrage aan de verplaatsingsbehoefte van inwoners en bezoekers van Fryslân en voldoet aan de behoefte om goederen te transporteren. Aan de hand van verkeerstellers langs het provinciale wegennet worden de verkeersintensiteiten ieder etmaal nauwlettend gevolgd. Sinds eind 2010 wordt ook op een aantal vaste telpunten het aantal passerende fietsers gemeten. Als maatstaf voor de ontwikkeling van het goederenvervoer wordt het aantal passerende beroepsvaartuigen gemeten bij de vier invalspoorten (sluizen) op de provinciegrens. Het gaat om tellingen van zowel binnenkomende schepen als uitgaande schepen.

De staat van vervoerssystemen en mobiliteit

De verkeersintensiteit van het gemotoriseerd verkeer wordt geteld aan de hang van 54 permanente telpunten. De som van de gemiddelde jaarintensiteit op werkdagen op 50 van de 54 telpunten was in 2017 324.428 motorvoertuigen per etmaal.

De modal split op basis van het aantal reizigerskilometers in 2017 in Fryslân laat zien dat de meeste reizigerskilometers worden afgelegd met een auto (79%). Dat ligt hoger dan in Nederland (76%). Dat is niet zo vreemd, want in een plattelandsprovincie als Fryslân zijn in verhouding meer mensen aangewezen op eigen vervoer. Het openbaar vervoer rijdt over het algemeen minder frequent dan in de Randstad, en er is (veel) minder congestie op de hoofdwegen. Dat vertaalt zich ook in minder reizigerskilometers per trein. In Fryslân is het aandeel OV 7%, terwijl in Nederland dit op 9% ligt. Mogelijk is het feit dat Drachten geen treinstation heeft hier ook debet aan. Drachten is één van de vier grote plaatsen in Fryslân, naast Leeuwarden, Heerenveen en Sneek. Het aandeel reizigerskilometers per bus/tram/metro en fiets is in Fryslân gelijk aan de rest van het land. Er wordt in verhouding wel minder afstand als voetganger afgelegd. Dat kan betekenen dat de voorzieningen in de provincie Fryslân minder op loopafstand liggen dan in de rest van Nederland.

Kaart van Fryslan: Ontwikkeling verkeersintensiteit bij telpunten tussen 2016 en 2017
Ontwikkeling verkeersintensiteit bij telpunten tussen 2016 en 2017

Sinds eind 2010 wordt langs 28 wegen in Fryslân het aantal passerende (brom)fietsen permanent geteld. De telpunten voor fietsverkeer liggen hoofdzakelijk op de belangrijkste invalswegen van de grootste plaatsen in Fryslân. Op 24 locaties hebben de tellers voldoende data opgeleverd om de periode 2013 - 2017 te kunnen bekijken.

De som van de gemiddelde jaarintensiteit op werkdagen van de 24 telpunten was in 2017 24.834 (brom)fietsen per etmaal. Het telpunt met de hoogste gemiddelde jaarintensiteit is het telpunt op de Overijsselselaan ten zuiden van de Harinxmabruggen: 3.332 (brom)fietsers per etmaal op werkdagen. Dit wordt gevolgd door de telpunten bij de Jousterweg bij Heerenveen en langs de N357 bij de vliegbasis Leeuwarden met respectievelijk 2.227 en 2.186 (brom)fietsers per etmaal op werkdagen.  Het telpunt met het laagste aantal fietsbewegingen ligt op de Oude Rijksweg ten westen van Bolsward. De gemiddelde jaarintensiteit is daar 307 (brom)fietsers per etmaal op werkdagen.

De scheepvaart wordt gemeten aan de hand van het aantal passerende beroepsvaartuigen bij de belangrijke toegangssluizen van onze provincie. Het aantal passerende beroepsvaartuigen is bij de Prinses Margrietsluis van Lemmer het grootst met 17.500 passages in 2017. Daarna volgen respectievelijk sluis Gaarkeuken met ruim 14.000 passages, de Tsjerk Hiddessluizen in Harlingen met bijna 6.500 en de Johan Friso sluis in Stavoren met bijna 500 passages.

Staafdiagram: Ontwikkeling passages beroepsvaart bij de vier grote toegangspoorten van Fryslân
Ontwikkeling passages beroepsvaart bij de vier grote toegangspoorten van Fryslân

In bovenstaand figuur zien we dat het aantal gepasseerde recreatieschepen  bij de Johan Frisosluis het grootst is met ruim 31.500 passages in 2017. Daarna volgen respectievelijk de Linthorst Homansluis met ruim 23.000 passages, de Prinses Margrietsluis met ruim 18.500 passages, de Willem Loresluis met bijna 14.500 passages, de Tsjerk Hiddessluizen in Harlingen met ruim 11.500 en sluis Gaarkeuken met ruim 6.000 passages.
 

Staafdiagram: Ontwikkeling passages recreatieschepen bij de vier grote toegangspoorten van Fryslân
Ontwikkeling passages recreatieschepen bij de vier grote toegangspoorten van Fryslân

De ontwikkeling van vervoerssystemen en mobiliteit

De wegenstructuur, en daarmee de locatie van telpunten voor gemotoriseerd verkeer is afgelopen jaren gewijzigd. De Centrale As is bijvoorbeeld in de plaats gekomen van de oude N356. De N381 is opgewaardeerd, en ligt deels ook op een andere locatie. Verder is het telpuntnetwerk zelf vernieuwd, en bestaat nu uit 54 permanente telpunten. Na wat opstartproblemen levert het systeem sinds 2016 correcte data van de verkeersintensiteiten. We kunnen derhalve enkel inzicht in de ontwikkeling van de verkeersintensiteit geven tussen 2016 en 2017. De vergelijking kan gedaan worden voor 50 telpunten, dat is exclusief de 4 telpunten op De Centrale As ten zuiden van Dokkum. Deze weg was namelijk in 2016 nog onder constructie.

De som van de gemiddelde jaarintensiteit op werkdagen van de 50 telpunten in 2016 en 2017 was respectievelijk 329.225 en 324.328 motorvoertuigen per etmaal. Dat betreft een afname van 1,5%. Maar daar zitten ook trajecten in die door het effect van De Centrale As sterk zijn afgenomen. Als de teldata van de N361 ten zuiden van Dokkum niet wordt meegerekend is er per saldo een lichte toename van de totale intensiteit.

Een toe- of afname van de gemiddelde jaarintensiteit per etmaal bij telpunten kan ook veroorzaakt worden door wegwerkzaamheden en omleidingen. In figuur 4.1.1. is de toe- en afnames per telpunt van 2017 ten opzichte van 2016 weergegeven. Het valt op dat in de noordelijke helft van de provincie veel telpunten liggen die een afname van het gemotoriseerde verkeer vertonen van > 1%. In de zuidelijke helft liggen in verhouding veel telpunten die een toename > 1% laten zien. Hierbij moet wel bedacht worden dat de telpunten op De Centrale As niet in het overzicht zijn opgenomen. De weg was in deze periode namelijk nog in constructie.

De som van de gemiddelde jaarintensiteit van fietsverkeer op werkdagen van de 24 telpunten in 2017 ten opzichte van de periode 2013 - 2016 was respectievelijk 24.834 (brom)fietsen per etmaal, en 25.900 (brom)fietsen per etmaal. Dat is een afname van 3,0%.

Op 9 telpunten is de gemiddelde jaarintensiteit toegenomen, op 13 telpunten afgenomen, en op 2 telpunten is de intensiteit ongeveer gelijk gebleven (zie onderstaand figuur). De grootste absolute toename is gemeten bij het telpunt op de Overijsselselaan ten zuiden van de Harinxmabruggen te Leeuwarden: van 3234 naar 3332 (brom)fietsers per etmaal op werkdagen (+97, +3,0%). De grootste relatieve toename is gemeten bij het telpunt op de N356 ten noorden van de kom van Dokkum: van 490 naar 547 (brom)fietsers per etmaal op werkdagen (+57, +11,7%) De grootste absolute afname is gemeten bij het telpunt langs de N354 ten noorden van de kom van Sneek: van 1.132 naar 699 (brom)fietsers per etmaal op werkdagen (-432, -38,2%). Deze afname wordt gevolgd het telpunt langs de N357 ter hoogte van vliegbasis Leeuwarden: van 2.542 naar 2.186 (brom)fietsers per etmaal op werkdagen (-365, -14,0%). De grootste relatieve afname is eveneens gemeten bij het voornoemde telpunt bij Sneek. De intensiteit van fietsers is in sterke mate afhankelijk van de weersomstandigheden. Een toe- of afname van de intensiteit kan ook veroorzaakt worden door wegwerkzaamheden en omleidingen.

Kaart van Fryslân: ontwikkeling fietsintensiteit 2017 t.o.v. de periode 2013-2016
Ontwikkeling fietsintensiteit 2017 t.o.v. de periode 2013-2016

In de periode 2012 tot en met 2017 is er in de sluispassages van beroepsvaartuigen in zijn totaliteit een licht stijgende trend zichtbaar (zie bovenstaand figuur). In 2017 is de groei ten opzichte van de jaren daarvoor (+0,6%). De Tsjerk Hiddessluizen laten een sterk stijgende trend zien in 2017 ten opzichte van de voorgaande jaren (+9,7%). Voor sluis Gaarkeuken geldt een toename van 3,0%. De Prinses Margrietsluis laat een daling zien van -3,9%, en de Johan Frisosluis daalt het sterks met 10,1%.

In de 2017 is ten opzichte van de periode 2013-2016 het totaal aantal passages van recreatieschepen bij de zes grote toegangspoorten voor de recreatievaart afgenomen met 6,2%. Voor alle toegangspoorten geldt eigenlijk dat het aantal passages in 2017 lager lag dan in 2016 en ook lager dan in 2013.

De toekomst van vervoerssystemen en mobiliteit

In 2016 is een nieuw landelijk verkeersmodel in gebruik genomen, het NRM. In dit model zijn diverse scenario’s opgenomen (HOOG en LAAG) waarmee verschillende prognoses zijn gemaakt voor de zichtjaren 2030 en 2040. Omdat het model nog maar net in gebruik is kan nog niet met zekerheid worden vastgesteld welk scenario en bijbehorend groeipercentage het beste aansluit bij de situatie in Fryslân. Wel zien we in algemene zin in periode van economische groei de intensiteit van het gemotoriseerd verkeer toenemen. Ook kan de verder opmars van de elektrische fiets zorgen voor een groter aantal fietskilometers en daarmee een groter aandeel van de fiets in de modal split.

Bronnen

  • Provincie Fryslân (eigen verkeerstellingen)
  • Rijkswaterstaat
  • Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV)

Pagina opties