Demografie in verandering

Vergrijzing en ontgroening

De leeftijdsopbouw van de bevolking verandert. Het aandeel ouderen neemt toe. In 2018 is 20,8% van de Friese bevolking ouder dan 65 jaar; dit aandeel zal fors toenemen. Tegelijk neemt het aandeel jongeren af en groeit de migrantenstroom. Het aandeel eenpersoonshuishoudens neemt toe. Na 2018 krimpt de bevolking. Gevolgen van deze ontwikkeling zijn:

  • een stijgende zorgbehoefte en vraag naar zorgvoorzieningen;
  • aanzienlijk minder mantelzorgers in verhouding tot het aantal zorgbehoevenden;
  • een kleinere beroepsbevolking en daardoor een veranderende arbeidsmarkt;
  • meer leegkomende woningen door sterfte en flexibilisering van woonruimte;
  • een groeiende marktvraag door ouderen; de ‘grijze economie’;
  • veranderende doelgroepen in het openbaar vervoer;
  • minder scholen.

Stad groeit, platteland krimpt

In Nederland blijft de bevolking in de Randstad groeien, terwijl de bevolking in de meer perifere provincies gelijk zal blijven of krimpt. Deze ontwikkeling past in de mondiale trend, waarbij een groter deel van de bevolking in steden woont. De Friese bevolking loopt de komende jaren terug. Binnen Fryslân blijven de meer stedelijke gebieden groeien; met name geldt voor Leeuwarden. Onderwijl wordt in het landelijk gebied krimp verwacht. Dit laatste heeft gevolgen voor het draagvlak en de bereikbaarheid van voorzieningen in het landelijk gebied. Door de combinatie van bevolkingskrimp en de nodige aanpassingen voor de energietransitie zal het aantal incourante woningen toenemen. Het gebied Noordoost Fryslân is door het Rijk aangewezen als krimpregio en de gebieden Noordwest Fryslân en Zuidoost Fryslân hebben het predicaat van anticipeerregio gekregen van het Rijk, zo blijkt uit het huidige programma Bevolkingsdaling dat tot en met 2019 loopt. De wisselwerking tussen stad en platteland wordt belangrijker.

Pagina opties