Ruimtelijke kwaliteit en erfgoed

Ruimtelijke kwaliteit is een begrip waar geen scherpe definitie voor bestaat. Gangbaar is het begrip te zien als de optelsom van de bouwstenen: gebruikswaarde, belevingswaarde en toekomstwaarde. Het gaat dan dus om de waardering voor de functionaliteit, aantrekkelijkheid en duurzaamheid van de ruimte, het landschap en de bebouwde omgeving. De provincie heeft sinds het verschijnen van het Streekplan 2007 grote aandacht voor de ruimtelijke kwaliteit van Fryslân. Daarmee is er ook aandacht voor de bebouwde omgeving en meer specifiek voor de staat van de Friese monumenten.

De staat van de ruimtelijke kwaliteit en erfgoed

In 2010 is Fryslân door de Vereniging Nederlands Cultuurlandschap (VNC) uitgeroepen tot mooiste provincie van Nederland. Deze score is gebaseerd op de door deskundigen aangemerkte oppervlakte aan (mooie) cultuurhistorische landschappen, bossen en natuurgebieden. Bijna 73% van het landoppervlak van Fryslân werd hierbij als mooi getypeerd. In onderstaand figuur zijn deze gebieden weergegeven. Met name het noordwestelijk zeekleigebied en de zuidoostelijke hoek van de provincie worden als minder mooi getypeerd. De grote meren, Waddenzee en het IJsselmeer zijn niet meegerekend. Als tweede eindigde de provincie Utrecht met 51% mooi landschap. Het gemiddelde van de twaalf provincies lag op 33%. Er is sinds 2010 geen nieuwe meting en verkiezing gedaan.

Kaart van Fryslan van Ruimtelijke kwaliteit in Fryslân
Ruimtelijke kwaliteit in Fryslân

In het kader van de Tussenevaluatie van het Streekplan is in 2012 door de Friese Milieu Federatie in opdracht van de provincie onderzoek uitgevoerd naar de beleving van het Friese landschap. De inwoners van Fryslân gaven in dit onderzoek gemiddeld een 8,1 voor de Friese landschappen. Nadien is er geen vergelijkbaar onderzoek uitgevoerd. Wel heeft het Fries Sociaal Planbureau in juni 2017 onderzoek gedaan onder Panel Fryslân naar de Omgevingswet en de betrokkenheid van Friezen bij hun leefomgeving. Daaruit kwam naar voren dat het panel gemiddeld een 7,7 geeft voor de leefomgeving. Dit is dus niet helemaal hetzelfde als het Friese landschap, maar geeft wel een beeld.

In Fryslân zijn circa 6 duizend cultuurhistorische bouwwerken beschermd, waarvan 4.342 als rijksmonument en de rest (circa 1.650)  als gemeentelijk monument.  Het gaat om gemeentelijke monumenten in 8 gemeenten. Niet alle gemeenten voeren een monumentenbeleid en hebben dus vastgelegd welke panden een beschermde (monumentale) status hebben. Daarnaast zijn er nog tal van historische bouwwerken zonder bescherming, waaronder vele in de 64 beschermde stads- en dorpsgezichten. Sinds 2012 zijn de provincies verantwoordelijk voor het restaureren van Rijksmonumenten. Om de restauratiebehoefte in beeld te krijgen kan gebruikt worden gemaakt van de jaarlijkse inspecties door Monumentenwacht Fryslân van een deel van de rijksmonumenten. De Monumentenwacht inspecteert daarbij onder andere de staat van het casco en de algemene onderhoudstoestand. Monumenteigenaren met een abonnement bij de Monumentenwacht krijgen zo eens per twee jaar een inspectiebezoek. In 2016 zijn in opdracht van de provincie ook vrijwel alle niet geabonneerde monumenten (die wel in aanmerking komen voor restauratiesubsidie) geïnspecteerd.  Woningen, archeologische monumenten en monumenten in overheidsbezit (in totaal circa 2.500 monumenten) zijn voor subsidie uitgesloten). Door deze inventarisatie is er nu een redelijk compleet beeld ontstaan van de restauratiebehoefte van bijna 1.850 rijksmonumenten in Fryslân die in aanmerking komen voor restauratiesubsidie.

Uit figuur 6.7.2. komt naar voren dat de staat van het casco gemiddeld beter is dan het algemene onderhoudsniveau. 16% van de geïnspecteerde monumenten heeft vanwege een matig tot slechte staat van het casco een restauratiebehoefte. Voor het onderhoudsniveau is bij 24% van de monumenten sprake van achterstallig onderhoud. Zou je alleen naar de monumenten kijken die abonnee zijn bij Monumentenwacht (circa de helft van de geïnspecteerde monumenten), dan liggen deze percentages op respectievelijk 9% en 11%. In de groep niet-abonnees heeft 22% van de monumenten een slecht tot matig casco en 34% een slechte tot matige onderhoudstoestand. Een verklaring voor dit verschil zal zijn dat abonnees bewuster bezig zijn met hun monument dan niet-abonnees. Door de contacten met de Monumentenwacht krijgen abonnees regelmatig inzicht in de staat waarin het monument zich bevindt en ligt de bereidheid hoger om tijdig te investeren in onderhoud en restauratie, dan bij niet-abonnees.

Staafdiagram Onderhoudstoestand en staat van het casco rijksmonumenten Fryslân
Figuur 6.7.2 Onderhoudstoestand en staat van het casco rijksmonumenten Fryslân (inspectieperiode 2013-2018)

Bedacht dient te worden dat meer dan de helft van alle rijksmonumenten particuliere woningen betreft. Omdat deze groep niet in aanmerking komt voor restauratiesubsidie is de onderhoudstoestand van deze categorie niet in beeld. Een groot deel (ca. 75%) is ook niet aangesloten bij de Monumentenwacht. 

De ontwikkeling van de  ruimtelijke kwaliteit en erfgoed

De verkiezing van mooiste provincie van Nederland is maar eenmalig uitgevoerd dus er valt geen ontwikkeling te beschrijven. Overigens is de dynamiek qua landschappelijke ontwikkeling beperkt, dus zou Fryslân wellicht bij een meting nu ook wel tot mooiste provincie verkozen worden.

De onderhoudstoestand van de Friese rijksmonumenten aangesloten bij de Monumentenwacht blijft redelijk stabiel. Van de monumenten waar meerdere inspectiemomenten bekend zijn, blijft het merendeel door de jaren heen op hetzelfde niveau qua onderhoudstoestand en staat van het casco. Het aantal monumenten dat achteruit is gegaan is ongeveer van dezelfde orde als het aantal monumenten dat vooruit is gegaan. Dat het niveau globaal op hetzelfde peil blijft wil overigens niet zeggen dat er niet wordt geïnvesteerd. Juist om het op een hoog niveau te houden (circa 90% is in redelijk tot goede staat) moet er regelmatig onderhoud gedaan worden. Het onlangs (in 2016) verkregen inzicht in de staat van niet geabonneerde monumenten, maakt evenwel duidelijk dat er onder deze groep monumenten ook een nog grotere restauratie-opgave geldt om het niveau verder omhoog te brengen.

Het aantal gemeentelijke monumenten groeit. Vooral omdat geleidelijk meer gemeenten monumentenbeleid ontwikkelen en in dat kader panden aan hebben gewezen als monument. Op dit moment is Tytsjerksteradiel nog bezig om beleid te maken. Dat soort processen duren echter lang omdat er meerdere belangen een rol spelen. Niet iedere eigenaar van een potentieel aan te wijzen monument is blij met een dergelijke status. Het aantal beschermde stads- en dorpsgezichten neemt maar geleidelijk toe. Eind 2007 lag het aantal op 62 nadat er in dat jaar 7 nieuw aanwijzingen waren geweest. Daarna zijn alleen Oranjewoud (2012) en Oude- en Nieuwe Bildtdijken (2015) nog aangewezen waardoor het aantal nu op 64 ligt. Er lopen geen procedures voor nieuwe aanwijzingen.

De toekomst van de ruimtelijke kwaliteit en erfgoed

De aandacht voor het ruimtelijke kwaliteit en erfgoed neemt toe. Begrippen als identiteit, authenticiteit, en ‘couleur locale’ worden steeds vaker gekoppeld aan bestaand erfgoed. Ook in relatie tot cultuurbeleving van recreanten en toeristen. Het behoud van erfgoed staat desalniettemin wel onder druk. Met name in krimpgebieden komen monumentale panden vrij en is het niet altijd makkelijk om er een nieuwe bestemming voor te vinden. Zo heeft het onderzoek “Tink om ‘e tsjerken” in 2009 al naar voren gebracht dat er in Fryslân gemiddeld 10 kerken per jaar leeg zouden gaan komen. De verwachting is niet dat dit komende jaren veel minder zal zijn. Eerder nog meer.  En Alterra heeft in 2014 berekent dat er tussen 2012 en 2030 tussen de 1200 en 1750 boeren gaan stoppen in Fryslân. Uiteraard zijn niet alle kerken en boerderijen van monumentale waarde, maar een deel wel en het geeft wel aan dat (dreigende) leegstand een extra opgave met zich meebrengt.  

Onduidelijk is óf en wanneer de verkiezing ‘mooiste provincie van Nederland’ herhaald gaat worden, maar bij gelijkblijvende criteria zal Fryslân waarschijnlijk toch weer als beste scoren. Uit de uitkomsten van het belevingsonderzoek van 2012 heeft de Friese Milieu Federatie belangrijke risicofactoren benoemd voor de (waardering van de) ruimtelijke kwaliteit. Het gaat om de bouw van woningen, bedrijventerreinen/industrie en wegen en het verdwijnen van natuur en groen. Meer recent kunnen daar ook de ontwikkelingen rondom de energietransitie bij genoemd worden (windmolens, zonnevelden). Succesfactoren zijn de realisatie van natuur en groen, goed rekening houden met natuur en landschap en het onderhoud van natuur en landschap. Het verdient volgens de Friese Milieu Federatie aanbeveling om bij de uitvoering van projecten met risico’s voor de ruimtelijke kwaliteit, tegelijkertijd ook aandacht te besteden aan de succesfactoren. Natuurcompensatie en zuinig ruimtegebruik zijn hier voorbeelden van.

Bronnen

  • Nederland van de Kaart, Vereniging Nederlands Cultuurlandschap
  • Ús Gea in 2012 (analyse landschapsenquête Fryslân), Friese Milieu Federatie
  • Monumentenmonitor Fryslân, Provincie Fryslân i.s.m. Monumentenwacht Fryslân
  • Beschermde Stads- en dorpsgezichten, Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed
  • Gemeentelijke monumenten, Steunpunt Monumentenzorg Fryslân
  • Tink om ‘e tsjerken, Stichting Fryske Alde Tsjerken i.o.v. Provincie Fryslân
  • Vrijkomende agrarische bebouwing in het landelijk gebied, Alterra i.o.v. InnovatieNetwerk
  • Omgevingswet en betrokkenheid leefomgeving, Fries Sociaal Planbureau

Pagina opties