Rollen van de provincie in de komende jaren

Er is niet één provinciale werkwijze. De taken en de terreinen waarop de provincie actief is, zijn hiervoor veel te divers. We zien steeds vaker dat wij als provincie bij maatschappelijke vraagstukken wel een rol hebben, maar niet meer de centrale rol zoals we die in het verleden als provincie vaak met succes hebben opgepakt.

Voorbeelden zijn thema’s als natuur, de veenweide- en omgevingsvisie en de werkwijze rond de externe initiatieven. Van de provincie wordt hierin een andere rol gevraagd. Aan de andere kant worden we vaak uit expertise en verbindende overwegingen verzocht taken tot uitvoer te brengen die niet strikt wettelijk zijn (bijvoorbeeld vervoer, infra maar ook economie en leefbaarheid). Over de vraag wat dit betekent voor ons bestuurlijk handelen komen we later in dit voorstel terug, maar voor de organisatie betekent deze ontwikkeling dat de organisatie blijvend in staat moet zijn om te kunnen samenwerken en adviseren vanuit de diverse rollen van de provincie.

Onderstaand model*) geeft een overzicht van de verschillende rollen van de provincie bij maatschappelijke vraagstukken. Bij elk vraagstuk is de afweging van belang welke provinciale rol wordt gevraagd. De organisatie moet vanuit deze verschillende rollen kunnen samenwerken met de stakeholders in de mienskip en ons bestuur adviseren.

Figuur Sedimentatie in sturing, Nederlandse School voor Openbaar Bestuur

*) Sedimentatie in sturing, 2015, Nederlandse School voor Openbaar Bestuur (NSOB)

Als provincie zijn en blijven we actief in elk kwadrant en dit vraagt dus ook van de organisatie om in deze kwadranten te kunnen opereren. De kwadranten aan de linkerkant van dit model zijn voor ons als overheid het meest vertrouwd. Ze gaan uit van de overheid en gaan over kaderstelling, beleid, regels en meetbare prestaties. Dit zijn blijvende rollen voor de overheid en de organisatie moet ervoor zorgen dat de capaciteit en de benodigde kennis om dit soort taken uit te voeren op niveau blijft.

We zien echter een ontwikkeling en een toenemende vraag naar de rollen in de kwadranten aan de rechterkant. Deze gaan uit van de mienskip en gaan onder andere over horizontale samenwerking waarin we als overheid samen met andere partijen de doelen bepalen en uitvoeren. De stap verder is die van overheidsparticipatie en initiatieven van onderop. De streekagenda’s zijn een mooi voorbeeld van die horizontale samenwerking en de ontwikkeling van een werkwijze voor het omgaan met externe initiatieven is ook een mooi voorbeeld. We hebben als provincie nieuwe werkwijzen voor deze rollen.

Een voorbeeld is de energietransitie. Rijk, provincie en gemeenten moeten hierin samenwerken om de gemeenschappelijke doelen te realiseren. Qua inzet betekent dit een ontwikkeling naar een gezamenlijke inzet van medewerkers. Dat vraagt nieuwe vormen van governance/besturing, maar betekent ook dat door deze samenwerking over het geheel de totale benodigde capaciteit afneemt (binnen de provinciale organisatie). Het is belangrijk dat de organisatie hierbij van ‘buiten naar binnen’ werkt, maatschappelijke vraagstukken centraal stelt en de samenwerking zoekt vanuit de provinciale rol bij het betreffende vraagstuk.

De organisatie heeft inmiddels de stap gezet naar het opgave gestuurd werken. Dit maakt het mogelijk om invulling te geven aan de nieuwe rollen voor de provincie. De maatschappelijke opgave of maatschappelijk gewenste resultaat wordt leidend voor de vorm waarin we deze realiseren en aansturen. De komende periode moet de organisatie zich de nieuwe werkwijze verder eigen maken, naast het op niveau houden van de huidige capaciteit en vaardigheden ten aanzien van de meer klassieke en vertrouwde werkwijzen. In het organisatieplan is dit verder uitgewerkt.

Pagina opties